Lesson 20 – Degrees of comparison

Watch without subtitles/background music


Transcript

Hallo. Hello.
Mijn naam is Bart de Pau, online docent Nederlands. My name is Bart de Pau, online teacher of Dutch.
Welkom bij ‘Heb je zin?’. Welcome to ‘Heb je zin?’ (are you in the mood?).
Vandaag oefenen we Nederlandse zinnen Today we’ll practise sentences in Dutch
met de grammatica van #dutchgrammar les 27 with the grammar from #dutchgrammar lesson 27
over de trappen van vergelijking. about degrees of comparison.
Lars en Soliman zitten in de trein. Lars and Soliman are on the train.
Ze reizen samen naar Drenthe. They are traveling together to Drenthe.
Ze kennen elkaar nog maar net. They have just met each other.
‘Waarom leer je Nederlands?’, vraagt Lars. Lars asks: ‘Why are you learning Dutch?’
‘Ik ben handelaar in groente en fruit’, zegt Soliman. ‘I am a fruit and vegetable trader’, says Soliman.
Wij verkopen veel fruit uit Egypte We sell a lot of fruit from Egypt
aan Nederlandse klanten. to Dutch customers.
Elk jaar meer. More every year.
We hebben ook Duitse klanten, We also have German customers,
maar het meeste gaat naar Nederland. but most goes to the Netherlands.
Ben je vaak in Nederland? Are you often in the Netherlands?
Ja, steeds vaker. Yes, more and more often.
En daarom wil ik beter Nederlands spreken. And that’s why I want to speak Dutch better.
Ons bedrijf groeit snel. Our company is growing fast.
We worden groter. We are getting bigger.
En Nederland is onze belangrijkste markt. And the Netherlands is our most important market.
Hmmm, interessant. Hmmm, interesting.
En waarom leer jij Nederlands? And why are you learning Dutch?
Ik vind talen leren leuk. I like learning languages.
Nederlands is een mooie taal. Dutch is a nice language.
Veel mensen vinden Frans een mooi taal, Many people consider French a beautiful language,
maar ik vind Nederlands mooier dan Frans. but I think Dutch is more beautiful than French.
Is het de mooiste taal die je kent? Is it the most beautiful language you know?
Nee, Fins is absoluut de mooiste taal. No, Finnish is absolutely the most beautiful language.
Maar die taal is ook veel moeilijker dan Nederlands. But that language is also more difficult than Dutch.
Misschien is Fins wel de moeilijkste taal Perhaps Finnish is the most difficult language
in de wereld. in the world.
Spreek je veel Fins? Do you speak Finnish a lot?
Nee, heel weinig. No, very little.
Vroeger een beetje. In the past a bit.
Maar de laatste tijd steeds minder. But recently less and less.
Waarom doe je de cursus in Drenthe Why are you doing a course in Drenthe
en niet in Amsterdam? and not in Amsterdam?
Ik ga liever naar Drenthe. I prefer going to Drenthe.
Het is daar rustig, dus je kunt beter studeren. It is quiet there, so you can study better.
Het is gezelliger, want iedereen woont bij elkaar. It is more sociable, because everyone lives together.
En de cursus in Drenthe is goedkoper And the course in Drenthe is cheaper
dan de cursus in Amsterdam. than the course in Amsterdam.
Ik hou van de natuur. I like nature.
Dat is voor mij de beste omgeving. For me that is the best environment.
Daarom is de cursus in Drenthe voor mij beter. That is why the course in Drenthe is better for me.
Klopt het dat de studenten in Drenthe veel barbecueÎn? Is it true that the students in Drenthe have a lot of barbecues?
Ja dat klopt! Yes that’s true!
Hoe weet je dat? How do you know that?
Ik heb die informatie van een vriend in Nederland. I got that information from a friend in the Netherlands.
Hij kent één van de docenten. He knows one of the teachers.
Zij heet Marieke. Her name is Marieke.
Ja, Marieke ken ik! Yes, I know Marieke!
Zij was mijn docent vorig jaar! She was my teacher last year!
Oh wat leuk. How nice.
Marieke houdt erg van barbecueÎn… Marieke likes having barbecues a lot…
en nog meer van een drankje bij de barbecue! but even more having a drink at the barbecue!
Hmmm… Hmmm…
Ik ben benieuwd. I’m curious.
Daar is station Zwolle. There is Zwolle station.
Hier moeten we overstappen We need to change here
op de trein naar Groningen. for the train to Groningen.
We zitten nu toch ook in de trein naar Groningen? But we are already on the train to Groningen now, aren’t we?
Ja, maar dit is een intercity. Yes, but this is an intercity train.
Die stopt niet overal. It doesn’t stop everywhere.
Daarom nemen we de ‘Sprinter’ naar Groningen. That’s why we are taking the ‘Sprinter’ (slow train) to Groningen.
Dat is een trein die bij elk station stopt. That’s a train that stops at every station.
OK. OK.
Dat was de les van vandaag. That was today’s lesson.
Begrijp je de trappen van vergelijking: Do you understand the degrees of comparison:
de vergrotende trap (comparatief) the comparative
en de overtreffende trap (superlatief)? and the superlative?
Kijk nog eens naar les 27 van #dutchgrammar. Watch #dutchgrammar lesson 27 again.
Heb je geen premium toegang tot #dutchgrammar, If you don’t have premium access to #dutchgrammar,
dan kun je deze les wel bekijken. you can still watch this specific lesson.
Les 27 is een gratis les. Lesson 27 is a free preview lesson.
Tot de volgende keer bij ‘Heb je zin?’. See you next time on ‘Heb je zin?’.
Doei! Bye!